Een kunstwerk met een geschiedenis

Zonder titel (1990) – monumentale sculptuur uit de Rijkscollectie Percentagekunst, oorspronkelijk aangekocht voor de Tweede Kamer in Den Haag.

Sommige kunstwerken krijgen na hun voltooiing een eigen geschiedenis. Dat geldt zeker voor het object van Elly Veelenturf - Zonder titel - een monumentale sculptuur die begin jaren negentig werd aangekocht ten behoeve van de aankleding van het nieuwe gebouw van de Tweede Kamer in Den Haag.

Meer dan dertig jaar later is niet alleen de officiële registratie van het werk teruggevonden, maar zijn ook foto’s en documenten boven water gekomen. Samen met Elly’s eigen herinneringen vertellen ze het bijzondere verhaal van een kunstwerk dat meerdere keren van opstelling veranderde.

Gekozen vanaf een foto

Het werk werd geselecteerd door een kunstcommissie waarvan Aad Nuis voorzitter was. De commissie was enthousiast, maar had het kunstwerk op dat moment niet in werkelijkheid gezien. De keuze werd gemaakt aan de hand van een foto.

Oorspronkelijke uitvoering van Zonder titel. Op deze foto is te zien dat Elly het werk als een vrijstaand sculpturaal object op de vloer had bedoeld.

Oorspronkelijke uitvoering en opstelling

En juist die foto zorgde voor een misverstand. Op Elly’s oorspronkelijke foto stond de sculptuur op de grond. De commissie had echter de indruk gekregen dat het werk hoog tegen een muur geplaatst zou worden.

Dat was niet Elly’s bedoeling.

De sculptuur is groot en zwaar. Hij bestaat uit beton, gips, hardhout en polystyreen en meet ongeveer 110 × 130 × 58 centimeter. Het werk is opgebouwd uit drie krachtige vormen: een grote ronde kom, een staande rechthoek met een ellipsvormige opening en daarboven een horizontale vorm.

De Marcus Bakkerzaal

Het kunstwerk kreeg aanvankelijk een plaats in de Marcus Bakkerzaal van de Tweede Kamer. Het werd op de vloer geplaatst en aan de achterzijde bevestigd aan de muur. 

In de praktijk bleek dat geen ideale oplossing. De vergaderzaal bood weinig ruimte en wanneer iemand zijn stoel naar achteren schoof, kon die tegen de sculptuur aankomen. Dat gebeurde uiteindelijk ook: het kunstwerk raakte beschadigd.

Elly herinnert zich zelfs dat ze in die periode bij televisiebeelden uit de Tweede Kamer soms extra goed keek. Misschien zou haar werk toevallig in beeld verschijnen.

 

Het kunstwerk in de Marcus Bakkerzaal van de Tweede Kamer. Om verdere beschadiging te voorkomen werd rondom het werk een beschermend podium aangebracht.

Foto: Rijksvastgoedbedrijf

Een eerste oplossing

Om verdere beschadiging te voorkomen werd samen met Elly naar een praktische oplossing gezocht. Er kwam een klein podium onder en rondom het kunstwerk. Wie zijn stoel naar achteren schoof, raakte daardoor eerst het podium en niet langer de sculptuur zelf. Het beschermde het werk, al bleef het voor Elly vooral een praktische oplossing.

 

De latere vrijstaande opstelling. Elly ontwierp een hogere sokkel waardoor het kunstwerk niet langer tegen een muur hoefde te worden bevestigd en weer als zelfstandig ruimtelijk object kon worden ervaren.

Een nieuwe opstelling

Rond 2009–2010, zo herinnert Elly zich, werd opnieuw contact met haar opgenomen.

Ditmaal was de vraag of zij het kunstwerk zo kon aanpassen dat het vrijstaand kon worden opgesteld en niet langer tegen een muur hoefde te staan.

Elly ontwierp daarvoor een hogere sokkel met bevestigingsmateriaal dat vanuit de sokkel omhoogkomt en de sculptuur ondersteunt.

Deze oplossing sloot veel beter aan bij Elly’s oorspronkelijke bedoeling.

Het kunstwerk kon daardoor weer als een zelfstandig ruimtelijk object worden ervaren, zonder afhankelijk te zijn van een muur.

 

Naar de Schepenzaal

Na de aanpassing kreeg het kunstwerk een nieuwe plaats in de Schepenzaal van de Tweede Kamer. De foto’s uit verschillende perioden laten meer zien dan hetzelfde kunstwerk op verschillende plekken. Ze maken zichtbaar hoeveel invloed de presentatie van een sculptuur heeft op de manier waarop het werk wordt ervaren. Tegelijkertijd vertellen ze hoe Elly betrokken bleef bij het zoeken naar een opstelling die recht deed aan het werk.

Opnieuw teruggevonden

Uit de teruggevonden documentatie blijkt dat het kunstwerk nog altijd deel uitmaakt van de Rijkscollectie Percentagekunst van het Rijksvastgoedbedrijf.

Het staat geregistreerd onder kunstnummer 1016Q. De officiële registratie vermeldt 1990 als jaar van oplevering. In 1992 werd het werk aangekocht voor de inrichting van de Tweede Kamer voor ƒ 3.250 exclusief 6% btw.

Volgens de huidige registratie bevindt het zich in het Kunstdepot van het Rijksvastgoedbedrijf.

Zo komt ruim dertig jaar later een bijzonder hoofdstuk uit Elly’s oeuvre opnieuw in beeld: van een foto waarop de oorspronkelijke bedoeling zichtbaar is, via de Marcus Bakkerzaal en een beschadiging, naar een nieuwe vrijstaande presentatie in de Schepenzaal.

Een kunstwerk dat niet alleen een plek kreeg in de Tweede Kamer, maar daar ook een eigen geschiedenis opbouwde.

 

Uit het archief

Opdrachtbrief Rijksgebouwendienst, 18 maart 1992. Aankoop en plaatsing van Zonder titel voor de nieuwbouw van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

Werkgegevens

Kunstenaar: Elly Veelenturf
Titel: Zonder titel
Jaar van oplevering: 1990
Aankoop: 1992

Aanschafwaarde: ƒ 3.250 excl. 6% btw
Collectie: Rijkscollectie Percentagekunst, Rijksvastgoedbedrijf
Kunstnummer: 1016Q
Materiaal: beton, gips, hardhout en polystyreen
Afmetingen: ca. 110 × 130 × 58 cm

Eerste plaatsing: Marcus Bakkerzaal, Tweede Kamer

Latere plaatsing: Schepenzaal, Tweede Kamer
Huidige registratie: Kunstdepot Rijksvastgoedbedrijf